Dat ook vaders duidelijke hersenveranderingen ondergaan rond de geboorte van een kind krijgt nog weinig aandacht. Onderzoekers spreken daarom steeds vaker over een ‘parental brain network’: een zorgend brein dat zich vormt door de ervaring van het zorgen zelf – bij moeders én vaders. De weg ernaartoe verschilt (bij moeders sterk hormonaal gedreven, bij vaders eerder door aanpassing en ervaring), maar de bestemming is verwant. Ander onderzoek suggereert dat juist de zorgervaring zelf dit aanstuurt, los van gender of biologische verwantschap. Door daar ook aandacht voor te hebben maken we meteen duidelijk dat ouderschap teamwork is.
In de studie The paternal brain: longitudinal insights into structural and functional plasticity and attachment over 24 weeks postpartum worden 25 vaders onderzocht in de eerste week postpartum en 3, 6, 9, 12 en 24 weken postpartum. Zo ontstaat een gedetailleerde tijdslijn van het vaderbrein in de eerste maanden na de geboorte. De eerste 6-9 weken na de bevalling blijken een belangrijke periode voor de breinplasticiteit bij vaders.
Belangrijkste bevindingen:
• Zowel hersenstructuur als hersenconnectiviteit veranderen na de geboorte
• De eerste 6–9 weken vormen een cruciale periode van neuroplasticiteit
• In die vroege fase zien we snelle aanpassing aan de nieuwe eisen van het vaderschap
• Daarna volgen meer verfijnde aanpassingen die zorg, aandacht en hechting ondersteunen
• De amygdala speelt een centrale rol in vaderlijke hechting

